Oordeel bevoegd gezag na voortoets

Oordeel bevoegd gezag na een of meerdere onderdelen van de voortoets

Het is niet altijd noodzakelijk alle vier de vragenlijsten te doorlopen voordat een oordeel van het bevoegd gezag voor vergunningverlening wordt gevraagd. Als op een eerder moment in de oriëntatiefase duidelijk is dat er geen kans of juist wel kans op (significant) negatieve effecten is, dan is het niet noodzakelijk de gehele voortoets te doorlopen. Het bevoegd gezag kan dan op basis van de door u aangeleverde informatie een oordeel geven. Dit levert een van de volgende drie uitkomsten op:

  1. Er zijn zeker geen negatieve effecten op habitattypen, leefgebieden van soorten of soorten.
  2. Er is een kans op verslechtering of verstorende effecten, maar voor zover het een project betreft zijn deze effecten ook in combinatie met andere projecten en plannen (cumulatie) zeker niet significant.
  3. Er is voor het project afzonderlijk, dan wel in combinatie met andere projecten en plannen een kans op significant negatieve effecten op habitattypen, soorten of leefgebieden van soorten.

Ad 1. In dit geval is het aanvragen van een vergunning niet nodig. De activiteit kan worden uitgevoerd.
Ad 2. Indien er een kans op verslechtering is dient een vergunning te worden aangevraagd. In het geval er een kans op verstoring is die met zekerheid niet significant is, dan is de vergunningplicht niet aan de orde.
Ad 3. Er is voor de activiteit afzonderlijk of , specifiek in het geval van een project, in combinatie met andere projecten en plannen, een kans op significant negatieve effecten op habitattypen, soorten of leefgebieden van soorten.